Komende zondag staan alle christelijke kerken wereldwijd stil bij de Wereldgebedsdag voor de Zorg voor de Schepping. We vieren de goedheid van de schepping én we bidden om hoop voor de schepping.
In zijn klimaatbrief ‘Laudato Si’ (geprezen zijt Gij) heeft paus Franciscus zijn zorg uitgesproken over de schepping, ons ‘gemeenschappelijke huis’ en ons aangespoord om te luisteren naar ‘de kreet van de aarde en de kreet van de arme’. Maar, hoe doen we dat?
De evangelielezing van deze zondag (Lucas 14, 1. 7-14) reikt ons hierbij een – misschien wat ongemakkelijk - perspectief aan. Met een verhaal waarin Jezus de wereld van God vergelijkt met een feestelijke maaltijd, zegt Hij dat je er als genodigde aan deze maaltijd goed aan doet om op de minste plaats te gaan zitten, zodat de gastheer je kan uitnodigen om dichterbij te komen.
Ook zegt Hij dat het een goede gastheer betaamt om niet je buren en bekenden voor het feestmaal uit te nodigen, maar juist die mensen die niets terug kunnen doen: armen, kreupelen, verlamden.
Met dit verhaal houdt Jezus ons een grote spiegel voor! Want zijn wij niet vaak geneigd om primair naar onze eigen behoeften te handelen en onszelf in het centrum te plaatsen? Wat gunnen wij een ander, opdat deze, heel de schepping de ruimte krijgt om te kunnen leven?
Wereldgebedsdag voor de Schepping doet ons weer beseffen dat wij samen met ieder ander schepsel te gast zijn in de schepping, ons gemeenschappelijke huis.
pastoraal werkster José van den Bosch
