Onlangs hoorde ik van het boek ‘Gambrinus’ van de Russische schrijver Aleksandr Koeprin. Het verhaal speelt zich af in een onrustige periode rond de Russische Revolutie. Het verhaal draait om Sashka. Sashka is een Joodse violist die jarenlang speelt in de kroeg Gambrinus in Odessa. Met zijn viool weet hij mensen van verschillende nationaliteiten en achtergronden te verbinden en blij te maken.
Wanneer de politieke situatie verandert, worden de spanningen en de vervolging van Joden steeds erger. Sashka wordt opgeroepen voor de oorlog. Hij krijgt te maken met gewelddadige pogroms en de politie. Tijdens een verhoor wordt hij gemarteld en wordt zijn linkerhand zwaar beschadigd. Een ramp voor iedere mens, maar zeker voor een violist! Een ambtenaar wil bovendien zijn viool hebben. Sashka verliest niet alleen zijn hand, maar ook zijn geliefde instrument.
Toch kan de wreedheid hem niet breken. Ook zonder viool blijft de muziek in zijn hoofd klinken. De muziek geeft hem kracht om door te gaan. Uiteindelijk keert hij terug naar Gambrinus. Hij kan niet meer viool spelen, maar bespeelt een mondharmonica. Sashka bleek niet te breken en behield zijn menselijke waardigheid.
In de woorden van het evangelie van komende zondag (Mt. 16, 21-27) zou ik zeggen: ‘Hij redde zijn ziel’. ‘Je ziel redden’ gaat – denk ik – vrijwel nooit zonder strijd, worsteling, moeilijkheden. Maar dan toch de goede weg willen gaan… kunnen gaan… gaan… Dat is heel bijzonder. Muziek hielp Sashka. Misschien mag ik ook wel zeggen ‘in en met en door die muziek hielp God Sashka’.
Als jij het nu moeilijk hebt, hoop ik, dat God jou levensmoed geeft. En dat het jou (uiteindelijk) goed gaat…
Frank de Heus, pastoraal werker