Wanneer je door het landschap wandelt, zie je meer dan wanneer je er met de fiets of auto doorheen gaat. Lopend valt je oog op kleine dingen: een vogel in de berm, een oude boom langs de weg, een bord dat je anders zo voorbij zou rijden. Rust en aandacht maken dat je dingen opmerkt die je anders ontgaan.
Tijdens zo’n wandeling zag ik ergens langs de weg een bord dat aankondigde dat er een herdenkingspark komt. Een plek waar bomen worden geplant voor mensen die zijn overleden. Een boom als troost en herinnering. Dat vond ik een mooi idee. Een boom groeit, verandert met de seizoenen, en blijft toch staan. Ze is een tastbare herinnering aan wie je mist.
Verlies kan immers zwaar zijn. Soms raken mensen zo in rouw dat ze zich terugtrekken uit het leven. Alsof er een steen voor hun wereld ligt. Dat beeld komt ook voor in het Bijbelverhaal van Lazarus (Joh. 11). Hij ligt in het graf, achter een steen, totdat God bij monde van Jezus, hem naar buiten roept: “Kom naar buiten.” Het is een krachtig beeld. Alsof het leven zelf iemand weer wakker roept.
Misschien kennen we dat allemaal wel een beetje: momenten waarop we ons afsluiten, omdat het leven te moeilijk voelt. Dan kan het helpen dat iemand ons ziet, naar ons luistert of ons voorzichtig weer uitnodigt om naar buiten te komen.
Misschien is dat ook iets van God: dat er steeds weer een stem is die mensen roept tot leven. En misschien kunnen wij soms zelf die stem voor elkaar zijn. In kleine gebaren, in aandacht, of gewoon door er te zijn. Zo helpen we elkaar om, stap voor stap, weer naar buiten te komen — het leven in.
Frank de Heus, pastoraal werker